30 juni 2007

In balans


Een dag voor de/een grote tocht moet je niks doen. Het is een algemeen aanvaard principe bij cyclo-rijders en ingegeven door de gedachte dat je op die manier krachten spaart en het lichaam in balans laat komen. Vorig jaar deed Sjaak dat; de dag werd gevuld met een tochtje naar Cortina d'Ampezzo, voorafgegaan door een adembenemende klim naar 2700 meter met behulp van de kabelbaan vanaf de Falzarego. Niet dit jaar voor Sjaak. De klim naar de Corones stond nog op het verlanglijstje maar vooral zou het mentaalt goed zijn om nog te fietsen. De Giau van de dag ervoor had Sjaak aan het wankelen gebracht of hij wel de 138 km zou moeten willen rijden en Sjaak was geestelijk nog niet rijp voor de Maratona Dles Dolomites. In balans komen heette dat: Peter B's voorliefde voor yoga en meditatie werd uitgestraald over de groep en 'in balans zijn' werd standaard vocabulaire binnen ons elftal. Sjaak was wellicht het meest ontvankelijk hiervoor en besloot tot een balansdag. Peter B, die ook was achtergebleven in het hotel, wilde aanvankelijk niet mee maar de daadkracht en het enthousiasme van Sjaak trok hem over de streep. Het werd een heerlijke tocht. Een schitterende klim. op maar 25 kilometer van de chaos en hektiek van de Maratona werden auto's en motoren schaars. Medefietsers waren er wel maar slechts enkelen. Stukken van de klim waren steiler dan de Giau; we maten tot aan 16 procent. Sjaak en Peter B waren in balans: we genoten hardop van de schoonheid van de klim, reden maximaal 150 hartslag en bleven bij elkaar. Spraken op de Passo Furcia over keuzes in werk en persoonlijk leven zoals het achterwege laten van de resterende zes slotkilometers naar de Corones. We hadden geen zin in een halfverhard geitenpad van een meter breed met kans op blessures voor het materiaal. Dus lieten we het daar bij en voelden we ons valken in de afdaling. Het werd een ontspannen tocht met 1100 hm die toch maar mooi in een gemiddelde van 24 km/h werd afgelegd.

Bij het hotel aangekomen integreerden we met wat collega-fietsers. Veel stellen ook waarbij bij sommigen van onze groep zich toch de fantasie de vrije loop kreeg hoe het zou zijn om een partner te hebben waarmee je dit soort tochten kan fietsen. Sjaak weet het: zijn ex fietste vroeger met de mannen in de groep mee en dat is heel leuk voor je relatie. Dat het spaak liep licht niet zo zeer in het fietsen, maar dat is een ander verhaal. Na een heerlijke douche en aansluitend dutje met de Ipod op, toog Sjaak naar beneden, waar de rest van de groep al druk aan het poetsen was. Dat levert altijd mooie plaatjes op:


foto: Tom

Na een fors diner, waar flink werd ingeslagen, verdwenen rap de gasten naar hun kamers. Voor half 10 lag iedereen erin, wetende dat er een onrustige nachtrust zou volgen, vooruitlopend op de grote dag

29 juni 2007

Au op de Giau


Ruim een maand geleden trok de Girokaravaan over de Giau om te eindigen op de Tre Cime de Lavaredo. Ik raakte geïnspireerd om eens flink er tegenaan te gaan op de hometrainer. Deze vrijdag was de kans om deze zware klim live te doen. We besloten namelijk om na de Sellaronde van gisteren de 'tweede lus' te gaan rijden. Alleen dan niet over die welhaast onvermijdelijke Campalongo maar een alternatieve klim als begin in de vorm van de Valparola. Sjaak's kettingproblemen leken verholpen; bij de overbezette 'Bike Shop' in La Villa werd een nieuwe casette geplaatst. Met een '28' zowaar. Duurde even maar dan heb je wat en daar kom je alles mee op. Zoals de Valparola. Na het stevige begin hadden we even een stukje vlak. Jeroen, Peter B, Erwin en Sjaak reden gezamenlijk op. Tom, Jaap en Rob kozen ook voor het rondje over de Giau maar dan met start en finish op de Falzarego. En fotografeerden zich suf met prachtige plaatjes (zie boven) als resultaat. Op 4 km van de top moest ik de drie laten gaan; het ging net te hard voor me. Maar stukken beter dan vorig jaar toen Willem me hier loste. Vlak voor de top kon ik een forse spurt trekken en achterhaalde Peter die zijn aandacht had verlegd naar een paar Duitse dames. Een voorproefje van wat hem nog te wachten stond toen hij een middag naast Keesie mocht zitten met een gebroken spaak. Na het stukje dalen naar de Falzarego troffen we elkaar bij de koffie. Peter P was solo op herhaling de Sellaronde gaan doen en de anderen (Kees, Nico, Peter F en Peter B) gingen via de Campalongo naar het hotel terug. In de afdaling was het gekkenwerk met passerende motoren en dergelijke. Erwin, Jeroen en Sjaak gingen richting Giau en probeerden de drie mannen uit Naarden te achterhalen. Op de Giau was het echt vervelend. Zulke steile stukken en dan zo lang. Toch reed ik 'm in 1.05 en dat was bijna een kwartier sneller dan vorig jaar. De rest was al boven en redelijk monter maar voor mij was het op. Te diep moeten gaan, het gevoel van de Nufenen. De pasta hielp niet echt. Na de afdaling waarin diverse hulpverleners omhoog kwamen blazen kwam de zooi regelmatig naar boven. Op de Falzarego fungeerde Jeroen als mijn locomotief. Waar blijft de tijd dat het andersom was? Rob reed zoals Adne Sondral zijn lange afstanden schaatste: stukken flink doortrekken en dan weer stoppen. De aanleg voor het klimwerk is er maar nu nog de routine en de juiste fiets. Het veld lag dicht bij elkaar dus bij de top dus het was een goed gedoseerd tochtje. Langzaam maar zeker werden we we rijp voor de Maratona.

later meer:
In balans
Dolomietentoppers

28 juni 2007

Inrijden en voorbereiden


Na een nacht vol regen en onweer klaarde het nog voor het ontbijt helemaal op. Niets zou ons beletten om de Sellaronde te gaan rijden. Een wel heel klassiek inrijrondje, maar wel nuttig. Ten eerste: niet al te zwaar, ten tweede: een prettige en prachtige kennismaking met de bergen voor de groentjes en ten derde: het beginlusje van de Tocht van zondag en dus goed om te verkennen. Na het noodzakelijke gesleutel en gerommel stonden we er om half 11 helemaal klaar voor. Het elftal op weg naar het vertrouwde Corvara waar de klim naar de Campolongo (altijd even weten hoe je het spelt) begint. Sjaak had het slecht naar zijn zin. De Gios naar de fietsenmaker gebracht om deze bergklaar te maken. Dus werd een nieuwe ketting en de '15'en '16' op de 9-vits Campagnolo Chorus-casette vervangen. Het drama van een gebroken ketting tijdens de Alpen Challence, drie jaar geleden, diende voorkomen te worden. Maar dit was niet best. De ketting en tandwielen werden maar geen vrienden. Alleen de 23 had er vrede mee. Er dus kon ik slechts 40x23 of 30x23 rijden. Daarmee kwam ik wel boven maar echt fijn, genuanceerd schakelen was er niet bij. Slecht voor het broze gemoed, dat door de perikelen rond de weggeraakte, maar toch nog - zó toevallig- teruggevonden Garmin (waarover later meer) toch niet optimaal was. Jeroen en Erwin waren op de Campolongo en Pordoi niet bij te benen, Peter B en Sjaak waren aan elkaar gewaagd en niet al te ver daarna kwamen Rob, Kees, Jaap, Tom en Nico. Peter P zat niet echt lekker op de fiets (examenstress, weinig training en een opkomende verkoudheid). Peter F reed beter dan ooit in de bergen maar dat ging gepaard met een recht evenredige weerzin tegen het fietsen tegen een berg. Die was niet meer te redden; dat was duidelijk.

Een lange pauze op de Pordoi werd gevolgd door een gierende afdaling en net toen er weer geklommen werd schakelde Jaap verkeerd en kwam zijn ketting op een nare wijze klem tussen bracket en kleinste voorblad. Diverse mecaniciens kwamen er aan te pas en minstens zoveel 'deskundigen' die zich verbaal lieten gelden. Na een klein half uur was het leed verholpen en was een deel van de groep de Sella al opgereden. Daar maakten we deze prachtige groepsfoto:



In de afdaling van de Sella dit jaar geen ongeluk, zoals vorig jaar met Jan Struik. De wat wazige discussie aan de ontbijttafel over het 'daalbeleid' (geef je voorligger de ruimte, haal niet in bochten in en het is vooral geen wedstrijd) kwam uiteindelijk toch nog tot resultaat. De beste dalers, Jaap en Kees gingen voorop, gevolgd door de rest. De laatste klim stelde volgens Sjaak niet veel voor en op 40x23 trok ik zelfs lekker door. Het aan de groep beloofde valse plat bleef langer uit dan in mijn herinnering stond gegriefd. Vooral Kees kon Sjaak dat maar moeilijk vergeven, niet wetende dat Sjaak zichzelf daardoor ook lichtjes had opgeblazen. Veilig bereikten we weer het hotel na een mooi tochtje van een kleine 60 km met 2100 hm. De kop was eraf.

27 juni 2007

Gruppe Van Ravenzwaaij ist da

We hadden er lang naar uitgezien. De Dolomietenmarathon 2007. De jongens van Oranje-Nassau, en dan het beste wat ze op fietsgebied hadden te bieden (Jaap, Tom, Erwin, Rob) fuseerden met onze fietsgroep (Nico, Peter F, Sjaak) met Jeroen als linking pin. Met Peter B&P en Kees hadden we het elftal compleet. En wel om 4 uur in de woensdagochtend in Zeist. Een onchristelijk tijdstip maar we zouden wel voor alle files uit kunnen rijden. En dat gebeurde. Voor we goed en wel wakker waren had het trio chauffeurs ons naar de eerste pauzeplek vlak voor Kassel gejakkerd. Via een stukje over de 'heerlijke' A7 (die van Flensburg naar Kempten loopt en 1200 km lang is, maar iets van de magie bij Jeroen verloor door de vele 'Baustelle') naar het drukke Nürnberg en München. Net na het middaguur reden we Oostenrijk heen en toverde Tom zijn matrix al tevoorschijn. Niks 'pot' van Nico, gewoon alles virtueel verrekenen en volgend jaar kun je zelfs met je telefoon bij Tom direct cashen. Na de goulashsoep en apfelstrüdel bereikten we de Brenner en toen was het nog een uurtje naar ons bekende hotel Miramonti. Jeroen had de kamerindeling al rondgemaakt waardoor Sjaak op een nauwe kamer, zonder balkon met Nico en Peter F belandde. Het goede gezelschap maakte dit helemaal goed; er werden direct afspraken gemaakt over de kastruimte en het zware gebruik van het toilet.

Minder euforisch was aanvankelijk de entree van onze groep. De 'Gruppe Van Ravenzwaaij' had vorig jaar een beetje slechte indruk achter gelaten. Was ook wel enigszins terecht want er werd door ons -Sjaak was er ook bij en liet het gebeuren- behoorlijk gezeurd over het -eerlijk is eerlijk- weinig flexibele personeel. Dit jaar volgden we de 'lijn Tom' (dingen netjes vragen, beetje meedenken/voorkauwen en regelmatig zeggen dat je het goed vond) en dat wierp meteen zijn vruchten af. Een van de dames, door Kees onmiddellijk 'Rita' gedoopt naar onze eigen Frau Verdonk, bleef wat stug, maar het blozende Alpenmeisje en ons nerveus dreutelende serveerstertje deden meteen hun stinkende best om alles goed te regelen.

Na de lange rit deden we het rustig aan, ook al omdat het begon te plenzen. Geen inrijrondje en geen goed begin. Maar de weersvoorspellingen waren positief dus de moraal bleef goed. Om een uur of half elf was het voor iedereen wel klaar en gingen we slapen.

16 juni 2007

Meer dan 200 km plezier


Sjaak moest diep in zijn geheugen en is er nog niet uit. Maar wanneer reed hij zijn laatste 200km+-er? Een jaar op tien, vijftien geleden toch wel. Nu is 170 km in de bergen, zoals de Marmotte, wel zwaarder dan 250 polderkilometers, maar toch. Een tocht van 200 km of meer is wel erg lang, zowel voor de benen als de geest. En dan maakt het niet uit of er 205 km op de tellers staat (Sjaak), 218 (Tom en Jeroen) of de officiele 215. Toch was de vandaag gereden 13-heuvelentocht beslist geen vervelende ervaring. Integendeel: het was een van de betere toertochten sinds jaren. Niet de massale events als Limburg's Mooiste, Amstel Gold, de dTC-tochtjes, Jan Jansen en al die andere zaken, die wel massaal zijn maar slecht georganiseerd. Want dat kan ook anders: de Dolomieten Marathon is massaal maar tot in de puntjes geregeld. Dat was de tocht onder auspicien van het Stalen Ros uit Ravestein niet echt, zoals een matige verzorging onderweg, maar de mensen deden erg hun best en de slim gekozen route was behoorlijk uitgepijld. En waar vind je een bewaakte fietsenstalling waar je gratis een nummer op je fiets en je helm krijgt. We zagen niet meer dan 15 fietsers bij de start/finish en de 'stalling' lag aan het terras, dus in overbodigheid liet deze service niets te wensen over, maar het was een blijk van enthousiasme en meedenken met de fietser prettig vindt.

Op de Oranje Nassausite staat een verslag van Tom waar Sjaak weinig aan toe te voegen heeft. Hulde Tom, alleen is het fenomenaal als je fenominaal voortaan als fenomenaal gaat schrijven ;-). Inderdaad was de vulpatroonexcertie bij mijn eerste lekke band in jaren! bijzonder geslaagd. Vooral door vooraf te zeggen, toen Jeroen vergeefs probeerder te pompen (Sjaak werd erg gesoigneerd) "ik laat je nu iets zien, dat je volgende week ook zelf zult hebben" gaf Tom blijk van een scherpe blik op Sjaak. We hadden een prima dag, een goede bus gedurende 140 km en een prima afsluiting van de binnenlandse voorbereiding op de Maratona.

Nog 11 nachtjes slapen en we vertrekken naar Italie. Het is gweoon erg leuk om een doel te hebben. Vorige jaar was de voorbereiding mager en belabberd, door allerlei narigheid en ellende. Nu staat Sjaak er met 1700 wegkilometers, 5 kg gewichtsverlies en vele uren op de hometrainer er een stuk beter voor. In alle hektiek van de baanwisseling was de lange tocht van vandaag een heerlijk moment van ontspanning. Met dank aan het thuisfront dat het fiat op een spontane uitbreiding op het programma van harte via de telefoon afgaf.

30 mei 2007

De zwaarste berg van Europa

Gisterenmiddag was er niet alleen een feestje voor Sjaak, maar was er ook nog waar eens een hoogtepunt in de Giro. De Monte Zoncolan werd beklommen. De zwaarste berg van Europa wordt die wel genoemd en met een Salite-index van 220 is er inderdaad wel sprake van een serieuze klim. Categorie Angliru (Galicië, Spanje), Mortirolo, Corones dus. Sjaak heeft niet kunnen zien hoe Simoni mocht winnen, maar gelukkig is een korte impressie van Eurosport. Voor Sjaak is er geen keuze eind juni. De Mortirolo en Zoncolan zijn te ver weg, maar de Corones (in het Duits: Kronplatz) ligt vlakbij het hotel in de Dolomieten, waar we een aantal dagen zullen verblijven voor de Dolomietenmarathon. De toestand op de Corones is ook te volgen via de webcam om te volgen. Vanaf nu een permanent linkje op Sjaak Schakelt.

Er komt een dag dat Doesbrand en Sjaak tijd, geld, materiaal en conditie hebben om al deze bijzondere bergen successievelijk af te vinken.

27 mei 2007

(Gi)au op de hometrainer

Vandaag was de koninginnerit in de Giro. Naar Tre Cime de Lavaredo, een soort Mont Ventoux, maar dan in de Dolomieten. Onderweg deed het peloton ook nog de Passo Giau aan. Van 'onze' kant, dus vanuit het zuidwesten. De kant die we in de Dolomietenmarathon moeten nemen. De Giau is hét struikelblok. Tot die pas gaat het wel en zijn de klimmetjes goed te doen. De Giau is een tien kilometer lange muur naar een onbereikbare pas. Gemiddeld 9,8 %. Gemiddeld dus! Daarna is het alleen nog maar overleven. Sjaak had de uitzending opgenomen en zag in de herhaling hoe de toppers relatief makkelijk peddelend omhoog gingen. Pas in de slotklim begon het een beetje te lijken op hoe Sjaak naar boven fietst en dan gaan zij nog dik twee maal zo hard. Maar goed: naar fietsen kijken doet fietsen en dus maar een fikse sessie ingelast op de hometrainer. Dank zij Jeroen heb ik weer een hartslagband en dus kan ik weer meten. De Ciclomaster past ook op de Dunlop hometrainer en dus ging ik maar eens voor de 'target heartrate'. Van 90%, we zijn niet kinderachtig. Bij een max hartslag van Sjaak van 182 is het omslagpunt dan rond de 163 bpm. De hometrainer maakt het zo zwaar voor je als nodig is. Dus dat werd het eerste kwartier maximale weerstand en toen bleef ik netjes in de zone tussen 155 en 165 bpm. Telkens als ik ik vervelend begon dacht ik aan de Giau. En de belachelijke tijd die ik vorig jaar nodig had. Sjaak wil beter getraind zijn en soepeler fietsen. Gewoon voor zichzelf. Anderen kopen een motor als ze bijna 41 jaar zijn; Sjaak gaat weer fiks fietsen. Dan maar een beetje au om straks de Giau in een tijd rond een uur op de kunnen rijden. Au deed het niet echt en de liter zweet is inmiddels ook weg.

26 mei 2007

Toujours la Lesse


Thanville ligt aan de rand van de Famenne. Dat is een smalle strook van een kilometer of vijtien, twintig breed die van het noordoosten (Marche) naar het zuidwesten (Beauraing) loopt. Het is een geologisch andere streek; veel vlakker dan de noordelijk ervan gelegen Condroz en de zuidelijker gelegen Ardennen. Door de Famenne stroomt de Lesse: een van de bekenste Belgische riviertjes vanwege de Grotten van Han die door de Lesse zijn gevormd. En vanwege het kanotoerisme: op de Lesse kun je op nog geen drie uur rijden echt lol maken. Horden Nederlanders reizen naar Houyet af om daar het laatste deel, benedenstrooms en tevens het makkelijkste- te varen. Sjaak deed vandaag een Tour de Lesse. Eerst Beauraing ingedenderd en vervolgens een stukje de grote weg naar Dinant. Afgeslagen richting Houyet, met een heerlijke afdaling van vier kilometer. Sommige wegen liggen er nu zo prachtig bij en dit was er weer één. Na Houyet, waar geen kanoër te bekennen was gelukkig, weer uit het Lessedal geklommen en vervolgens over het enorm hoge viaduct in de buurt van Custinne (met een fenomenaal uitzicht over dezelfde Famenne) richting Chevetogne. Daar niet het klooster bezocht maar zuidwaarts, deels over dezelfde weg van gisteren. In Halma niet rechtsaf naar huis maar nog een lusje via Daverdisse. Dit stuk van de Ardennen is prachtig mooi: dorpjes als Porcheresse, Our, Redu (bekend van de vele boekenwinkels) en Lesse liggen schilderachtig in nauwe dalen. De wegen zijn hier steil en lopen door geurige naaldbossen. Als je ergens kunt onthaasten is het hier wel. Voor Daverdisse bereikte ik weer het Lessedal en aangezien ik het restaurant Moulin de Daverdisse te sjiek/ontoegankelijk vond besloot ik de laatste krappe dertig kilometer er maar in één keer aan vast te plakken. Dat ging wel ten koste van mijn gemiddelde dat op dat moment tegen de 28 km/h lag. De klim uit het Lessedal mocht er zijn en ik moest naar 30 x 19 terugschakelen om een beetje cadans te hebben. De harstlagmeter had ik voor het eerst sinds ruim een jaar weer om en die wees 168 als maximum uit. Via een -schier eindeloze- omweg langs Haut-Fays bereikte ik de N40: de grote weg van Bouillon naar Beauraing waar de afslag naar Thanville aan ligt. Het slotklimmetje rustig gereden: het was wel goed zo. In drie dagen, binnen een tijdsbestek van 48 uur 280 km gereden en naar schatting 4500 hoogtemeters overwonnen. Een prima driedaagse training, die het volgende kaartje heeft opgeleverd:

24 mei 2007

De Ardennen voor jezelf


Na een matige nacht vatte ik 's ochtends alsnog slaap en werd ik om half 10 wakker. Niet echt uitgerust maar goed genoeg voor de Grote Tocht. Het katterige gevoel van de Waalse Pijl wilde ik vandaag verdrijven door een fikse tocht. Er was een aantal route-opties, waarvan ik onderweg wel zou zien hoe het zou gaan. Via Wellin naar de voet gereden van de lange, gelijkmatige klim naar het Euro Space Centre. Via een prachtig weggetje door Smuid naar St Hubert en vervolgens de rustige weg naar Bertogne. Dit is een dunbevolkt deel van de Ardennen en je hebt hier de wegen bijna voor jezelf. De wegen zijn doorgaand, maar als er één auto per 5 km langs je heen flist is het veel. Een voordeel van de doorgaande wegen: weinig kaartlezen, relaxte klimmetjes (hooguit 6%) en weinig loslopende honden. Dat laatste weerhoudt me van de binnendoorweggetjes, die vaak buitengewoon fraai en dito steil zijn. De gelijkmatige klimmen zijn goed voor de conditie. Op redelijk grote verzetten kon ik aan de macht werken en in de afdalingen haalde ik met licht bijtrappen kruissnelheden van 50 km/h. Het gemiddelde was de hele dag dan ook rond de 25 km/h. De temperatuur liep overigens ook fors op. Toen ik via Ortho het supertoeristische La Roche-en-Ardenne bereikte gaf de thermometer 34 graden aan. Zo voelde het ook. De megakom tagliatelle met fruits de mer ging ook niet eens op: hitte en eetlust gaan slecht samen. La Roche ligt in een kom en is bijna alleen klimmend te verlaten.Zo'n heerlijke klim van een kilometer of zes, die je met ongeveer 18 km/h kunt nemen (zie foto). Via de Barrière de Champlon (dat hebben alleen de Belgen, dit soort kruispunten van vierbaanswegen; ze noemen ze Baraques of Barrières) weer richting westen. Een prachtige weg, met af en toe een stuk klimmen en veel en lang afdalen. In Wavreille besloot ik voor een lus Rochefort. Het dreigende van een naderend onweer was wel weg en een omweg naar huis lag voor de hand. Dan zou ik 20 km extra rijden en de benen voelden nog goed genoeg. Maar in de buurt van Rochefort heb je niet meer de wegen voor jezelf helaas. Uiteindelijk kwam ik op een rustiger weg en richting Wellin (van waar het nog maar 12 km was) begon de dorst en vermoeidheid toe te slaan. Voor het eerst moest ik naar de '30'(wel een stuk van 12%) en ik besloot tot een extra stop in Wellin. Meestal knal ik daar voorbij in auto of op de fiets en na een stop van een minuut of 20 zal ik dat ook in de toekomst wel weer doen. Niks te beleven en de kroeg was gevuld met van die Waalse bierbuiken, die rokend achter het urinoir staan en de indruk geven niks beter te doen hebben. Een redelijk afgetrainde fietser in een bolletjestrui voorbij zien komen was misschioen wel het hoogtepunt van de dag. Sjaak kon na de stop goed doorrijden naar Thanville waar uiteindelijk de meter op 152 km stond. Ik denk dat ik zeker 2500 tot 3000 hoogtemeters heb overwonnen, jammer dat de teller ze niet registreerde. Bij het uitblazen in de hangmat kwam alsnog de kramp op, dit keer in het linkerbeen, maar dat was accceptabel. De avond kwam alsnog het onweer, maar toen had Sjaak al lekker gedoucht, gegeten, gebeld met de VdH en uitgerust. Morgen nog maar zien of het van fietsen komt.

23 mei 2007

Opwarmronde


Vandaag naar Thanville gereden. Met de auto weliswaar, maar de komende drie dagen staan wel in het teken van de fiets. In mijn oude werkagenda staat dit benoemd als een fietsretraîte. Tussen twee banen in, even bijkomen van de chaotische en hektische afgelopen weken en verder schaven aan de conditie. Thanville is daar een uitgelezen plek voor. Mijn zus en zwager hebben sinds 1990 daar een oude boerderij gekocht, die destijds op instorten stond. Na een flink aantal jaren klussen is het meer dan bewoonbaar en de laatste 10 jaar is het voor Sjaak een regelmatig terugkerend rustpunt voor fiets- en wandeltochten. Thanville is een gehuchtje van nog geen 8 huizen/boerderijen, gelegen in een dalletje en slechts bereikbaar via een weg (zie foto) waarvan je serieus jezelf afvraagt of die wel ergens heen leidt

Ik vertrok pas om half 11 vanochtend uit Nederland en heb er ongeveer 2 uur en 50 minuten over gedaan; veel sneller kan niet. Het viel maar weer eens op hoeveel drukker het verkeer is geworden in de afgelopen 15 jaar. Inhalende vrachtwagens, bellende automobilisten, aarzelende senioren: ik hoefde me niet te vervelen. Na Brussel werd het rustiger en kon ik lekker doorrijden. IPod aan, vertrouwde weg, die na Namen echt Buitenlands wordt. In dik een uur was ik gesetteld en kon ik het vertrouwde rondje Vencimont - Felenne - Beauraing rijden. Een krappe 45 kilometer in dik anderhalf uur. Een aardig gemiddelde van 27 km/h gehaald. Zo kon ik het krampgevoel van zaterdag even wegfietsen. Het stuk naar Felenne, langs de grens met Frankrijk, is een van de mooiste weggetjes die in de Ardennen ken. Bijzonder rustig, heerlijk klimmetje (rond de 6 á 7% met stukjes boven de 10%). De Muur van Beauraing (max 14%) ging moeiteloos; het is beslist geen Stockeu!


Thuisgekomen lekker bijgekomen, gerust en wat geklust aan de fiets. De route voor morgen globaal uitgezet, spullen gewassen, rijst met prut gemaakt. Het is hier zo vertrouwd dat ik de komende dagen in mijn uppie zonder problemen door zal komen. Er is nu zelfs telefoon!